Toen ik bij Joke en Heidi kwam voor een nazorggesprek, zei Heidi: “Ik zou het mooi vinden als je een verhaal over mijn vader schrijft. Niet alleen over zijn afscheid, maar vooral over wie hij was.”
Twee maanden geleden stond hun leven ineens stil. Al maanden voelde Roel zich niet fit. Maar zoals hij was, schoof hij een bezoek aan de huisarts voor zich uit. “Het zal wel een griepje zijn,” zei hij. Tot de diagnose kwam: een zeldzame, agressieve vorm van leukemie. De arts vertelde hem dat hij ernstig ziek was en zou komen te overlijden. Zijn reactie typeerde hem.
“Doodgaan doen we allemaal. Ik heb de mooie leeftijd van 83 jaar mogen bereiken. Er sterven nog zoveel jonge mensen aan kanker. Ik heb een fantastisch leven gehad, een liefdevol huwelijk met mijn Joke en ik kijk terug op een fijne jeugd. Het is goed zo.”
Roel keek niet naar wat hij moest loslaten, maar naar alles wat hij had gekregen.
Hij hield niet van poespas en maakte zelfs over zijn eigen afscheid grapjes.
"Beloof me dat het geen dooie uitvaart wordt. En geen poespas."
En lachend zei hij tegen Heidi: “Leg me maar vooraan op de begraafplaats. Als ik ’s nachts nog trek krijg, kan ik zo naar de McDonald’s.”
Dat was Roel. Altijd luchtig en nuchter. Gevoelens liet hij niet snel zien. Hij vond het moeilijk als iemand verdriet had en maakte dan liever een grap. Maar achter die humor zat een ontzettend liefdevolle man. Een zorgzame echtgenoot, een vader uit duizenden, eigenwijs, met een grote mond, een heel klein hartje én natuurlijk die kenmerkende snor, waaraan iedereen hem herkende.
Hij hield van gekkigheid. Regelmatig vroeg hij aan Heidi of ze nog een leuke pruik of iets anders in de auto had liggen, zodat ze samen weer een grappig filmpje konden maken voor Facebook. Die filmpjes bezorgden veel mensen een glimlach. En stiekem genoot Roel daar zelf ook van.
Na zijn overlijden hebben Heidi en ik samen de verzorging gedaan. Daarna hebben Heidi, een goede vriend en ik Roel in onze armen naar buiten gedragen en hem daar samen in zijn kist gelegd. De kist kon namelijk niet naar binnen. Nog één keer stond hij in zijn eigen tuin, waar hij met zoveel plezier aan werkte en die er altijd prachtig uitzag.
En ja… er werd ook gelachen
Terwijl we hem naar buiten droegen, zeiden Joke en Heidi lachend: “Hij zou ons eens bezig moeten zien.” Dat was precies de humor die zo bij Roel paste. Daarna namen Joke en Heidi nog rustig de tijd om bij hem te zijn. De zon scheen. Een moment dat hen nog lang zal bijblijven.
Het afscheid was precies zoals Roel het had gewild: informeel, warm en zonder poespas. Misschien niet zoals iedereen een uitvaart kent, maar juist daardoor voelden mensen zich op hun gemak. Er werd gelachen, er vloeiden tranen en er werden herinneringen gedeeld. Het voelde ontspannen, persoonlijk en heel dichtbij.
Een toost op het leven van Roel
Tijdens het informele samenzijn werd opnieuw duidelijk hoeveel Roel voor anderen had betekend. Met grappige foto’s van Roel en typerende muziek werd het, zoals Roel zelf had gehoopt, geen dooie bedoening. Familie, vrienden, buren en bekenden waren er voor Joke en Heidi. Na het afscheid ging iedereen mee naar hun huis voor een toost op het leven van Roel. Vrienden en kennissen hadden daar alles tot in de puntjes geregeld. Dat was voor Joke en Heidi een enorme steun. De warmte en betrokkenheid die Roel en Joke altijd aan anderen hadden gegeven, kwamen nu op een prachtige manier naar hen terug.
En Roel… omdat jij altijd zo kon genieten van foto’s en filmpjes maken voor Facebook, heb ik hier een laatste ode aan jou.
Nog één keer je glimlach.
Nog één keer mooie herinneringen.
Dag Roel…